
Het museum bestaat uit twee componenten, namelijk:
Stichting Nationaal Coöperatie Museum (N.C.M.) en
Vereniging Vrienden van het Nationaal Coöperatie Museum
Lees hier meer over beide onderdelen
De stichting stelt zich tot doel de collectie herkenbaar te maken voor de bezoekers en vooral om de jongere generatie een zo omvangrijk mogelijk beeld te geven van wat binnen de coöperatieve wereld speelde en speelt en welke sociale en maatschappelijke functie de verbruikscoöperaties hebben vervuld.
Om de voorgenomen taken zo goed en functioneel mogelijk uit te voeren maakt de Stichting NCM gebruik van de deskundigheid welke binnen de Stichting Erfgoedhuis ZH, de vereniging van Zuid-Hollandse Musea en andere overkoepelende organisaties, aanwezig is.

Het gehele museum wordt bestuurd, beheerd en open gehouden door vrijwilligers. Dankzij de inzet van veel mensen die zich bij het museum betrokken voelen is het mogelijk om dit museum op de huidige wijze te exploiteren.
Voorzitter
Secretaris
Penningmeester
Conservator
|
: Th.J. van Amersfoort
: Vacature
: E. Zoomer
: J. Bot
|

Hoewel er in Nederland meerdere vormen van Coöperatie bestonden en nog bestaan, (banken, agrarische, uitvaart, inkoop en handelsverenigingen etc.) richt het NCM zich op verbruikscoöperaties. Omstreeks 1880 werden de eerste verbruikscoöperaties in Nederland opgericht. Omstreeks de zeventiger jaren van de twintigste eeuw werden de meeste coöperatieve verbruiksverenigingen geliquideerd. (Zie ook hiervoor:
geschiedenis)

De directe aanleiding tot het stichten van het Nationaal Coöperatie Museum in 1977 was de viering van het 75 jarig bestaan van de verbruikscoöperaties die samen Coöp Nieuwe Waterweg vormden. De landelijke organisatie, overkoepeld door Coöp Nederland was in 1973 opgehouden te bestaan. De strijd tegen de snelle ontwikkelingen op commercieel en sociaal/maatschappelijk gebied, was verloren.
In Schiedam was in 1902 de Coöperatie Door Eendracht Sterker (DES) opgericht. In 1965 fuseerde deze met de coöperatie De Voorloper uit Vlaardingen en met de coöperatie Vooruitgang in Maassluis tot Coöp Nieuwe Waterweg.
Bij dat jubileum ontstond het idee om de geschiedenis van de verbruikscoöperaties voor altijd in een museum voor het nageslacht vast teleggen.
Dat dit museum zich niet mag beperken tot het waterweggebied was direct duidelijk.
Aanvankelijk was het museum gevestigd in het gebouw van DES, in de Kethelstraat 12. Hier werd de grondslag gelegd voor het levend houden van de geschiedenis van de coöperatie op economisch en sociaal gebied.
In 1987 is het museum verhuisd naar een historisch pand uit 1891, aan de Lange Haven 84, tegenover een nog oudere gietijzeren ophaalbrug.
Hier is op 4 juli 1987 het museum heropend. De ligging van het museum is uniek, in een prachtig oud stadsdeel, opgenomen in een wandelroute, een A-lokatie in detailhandelstermen.